"Ik geloof niet in een God met een vingertje."

Jong en heel christelijk. In de Randstad denken we dan aan de bible belt, inclusief lange rok en minus tv. We vinden het niet perse normaal dat jonge mensen strikt geloven, want tsja, wanneer komen we dat tegen in ons bubbeltje. Daarom hebben we moeite ons voor te stellen hoe je met onze moderne wereld ‘vol verleidingen’ omgaat als je volgens Gods strenge wetten leeft. Maar maken wij, die het niet kennen, het niet allemaal veel te gecompliceerd? We spraken de 25- jarige student Anna over haar geloof.

TheTittyMag: Als ik zeg geest, waar denk jij dan aan?
Anna: Ik denk dan meteen aan de geest van God. Het is een geest, die in je leeft. Het staat voor mij gelijk aan het leven. Ik geloof in de god van de bijbel (het Oude en Nieuwe Testament), de drie-eenheid. Dat is soms lastig te omschrijven, maar ik heb ooit gehoord dat het idee van de geest kan worden vergeleken met water. Je hebt water los als het warm is, maar ook vast als het vriest. Dit alles is misschien verschillend, maar uiteindelijk allemaal water. Zo heeft de geest ook diverse vormen.

TTM: Is het een positieve term voor jou?
A: Ik geloof in goed en kwaad. Ik geloof dat er een goede geest is, maar ook een kwade. De goede geest komt voor mij van God, maar ik zie Satan als een kwade geest.

TTM: Geeft dit jou juist onrust of rust? Leven met het idee dat er een goede en een kwade geesten zijn?
A: Op aarde is het leven niet neutraal, dus zonder liefde geen haat en zonder blijdschap geen verdriet. Ik ben me heel erg bewust van het goede en heel erg bewust van het kwade. Ik voel me hier heel rustig bij, want ik geloof dat het goede uiteindelijk overwint. Alleen dat betekent niet dat het kwaad er niet is!

TTM: Om ons heen zie je heel veel kwaad: oorlogen, terreur… Hoe kijk je hier tegenaan?
A: Ik geloof dat op aarde het kwade overheerst, want dat zie je in dingen als leugens en oorlogen. Ik vind leugens eigenlijk allesomvattend voor het kwade. Als je een leugen uitspreekt dan steel je van de waarheid.

TTM: Is het dan wel prettig voor jou om hier te zijn?
A: Ik denk dat het veel prettiger is om ergens te zijn waar alleen God is, maar ik leef hier, op aarde, dus ja, ik moet wel. Ik ben wel het meest gelukkig als ik het dicht bij God ben. De allerergste plek is een plek waar God helemaal niet is. Die plek is er volgens mij echt, alleen heb ik geen idee waar. Ik ben blij dat ik daar niet over in hoef te zitten.

TTM: Je woont in een studentenstad, werkt bij een jeugdig bedrijf, plekken waar de opvatting dat alles mag en kan heerst. Kan je dan wel helemaal jezelf zijn?
A: Ja, ondanks dat veel mensen in mijn omgeving dit geloof niet aanhangen. Ik zou ze meer dan van harte gunnen ook God te leren kennen. Ik zie mijn geloof niet als beperking, maar als een verrijking en dit zou voor iedereen kunnen gelden.

TTM: Hoe ervaar je het als vrienden het wel als beperking van het leven zien in plaats van een verrijking?
A: Mijn vader is dominee, maar ik mocht zelf kiezen en heb dus voor mezelf besloten dat ik wil geloven. Het is altijd wel overal bekend dat ik het christelijke meisje ben, vroeger op school en de sportclub bijvoorbeeld. Veel mensen vonden mij naïef, omdat ik volgens hen de ideeën uit de Bijbel klakkeloos overnam. Bijvoorbeeld dat ik geloof in een God van volmaakte liefde vinden mensen onbegrijpelijk en naïef. Ik zie het als een gemiste kans voor hen, dat ze niet geloven. Als mens ben je niet in staat om volmaakte liefde te geven. Natuurlijk heb je huwelijken of een ouder- kind relatie, maar ik denk dat alleen God de ware, volmaakte liefde kan geven. Die liefde is oneindig.

TTM: Snap jij dat onbegrip dan weer?
A: Ik snap het heel goed, maar ik vind het wel jammer. Als je met mensen praat over het geloof dan raakt dat mensen meteen. Ik heb het idee dat we quitte staan in die discussie: jij gelooft niet en ik wel. Ik heb al sinds jong geleerd om me staande te houden in deze maatschappij. Er zijn mensen met een ander geloof, andere mensen zijn op een zoektocht en sommige geloven niet. Ik vind het heerlijk dat ik die zoektocht niet meer heb. Alleen blijf ik altijd kritisch kijken naar hoe ik dit moet vorm geven. Ik krijg vaak de vraag of het niet arrogant is dat ik de waarheid in pacht denk te hebben. Het klinkt misschien ook wel heel arrogant, maar zo bedoel ik het niet.

TTM: Hoe reageer je daar dan op?
A: Zonder oordeel. Alleen mensen beoordelen mij vaak, omdat mijn identiteit onlosmakelijk verbonden is met God. Als mensen God aanvallen dan raakt dit mij heel erg. Soms is het zo hard wat mensen kunnen zeggen over mijn God. Ik val toch ook niet iemand aan op zijn of haar andere zoektocht naar zichzelf? Laat mensen in hun recht. Ik ben echt neutraal hierin, maar als ik de kans krijg om te vertellen wat God is dan doe ik dat heel graag. Iemand zei ooit tegen mij: je bent helemaal niet religieus. Toen schrok ik enorm, want ik ben hartstikke religieus! Ik volg de Bijbel en ik wil Jezus volgen. Dat is de grap als je er eerlijk en open over bent, dan zijn mensen vaak verbaasd omdat ze een ander beeld hebben bij een gelovige. Maar ook dan, laat mensen lekker hun eigen geloof uitoefenen ook al dragen ze lange rokken!

TTM: Wat als je de verleiding niet kunt weerstaan?
A: Ik weet niet hoe erg dat is als ik een verleiding niet kan weerstaan. Ik geloof dat God het beste met mij voorheeft en in de Bijbel staat: alles is geoorloofd, maar niet alles is nuttig. Soms heb je spijt en drink je bijvoorbeeld veel te veel tijdens het uitgaan. Is het nuttig? Nee niet perse. Is het geoorloofd? Jawel, maar het is niet het beste.

TTM: Maar Als je keer op keer te veel drinkt, daar hoor je toch van te leren?
A: Ik geloof niet in een God met een vingertje, maar ik ben me wel bewust van een continue strijd en dat ik er zo achter kom wat goed of wat fout is. Uiteindelijk heb je een geweten en die van mij is iets meer vervuld met Gods geest.

TTM: Is dat niet ergens scheef?
A:  Dat is lastig en ik waak er zelf voor dat ik ik niet met twee maten meet. Dit geldt niet alleen voor drugsgebruik, alcohol of uitgaan, maar ook bijvoorbeeld als het gaat om negatief praten over mensen. Ik denk hierover ook na als ik bijvoorbeeld een T-shirt koop die gemaakt is in Bangladesh door kleine kinderhandjes. Al realiseer ik me tegelijkertijd hoe gezegend we zijn met ons westerse leven, waarin we alleen te maken hebben met luxe problemen en niet met slavenarbeid of bommen. Toch is een luxe probleem ook een probleem waar ik bij stil probeer te staan.

TTM: Hoe is jouw eigen geest gerustgesteld?
A: Ik geloof dat er een machtige geest is, die me altijd in mijn waarde zal laten omdat hij mij heeft geschapen. Ik heb ook nooit getwijfeld aan het bestaan van God, maar ik snap er soms de ballen van. Toch geeft het me een bepaalde rust, omdat je gewild bent en het goed is zo. Ik denk dat mensen die niet geloven een onrustige geest hebben.

TTM: Wat is jouw oplossing voor die onrustige geest?
A: Het klinkt zo groots, maar ik denk echt dat God de enige is. Ik vind de druk heel groot om alles uit dit leven te halen. De mensen die dit artikel lezen, hebben Facebook en een computer. Alleen stel je voor, je wordt op een vuilnisbelt geboren dan zou dit betekenen dat die persoon met die smartphone een elite plek heeft in deze wereld, terwijl elk mens dezelfde waarde hoort te hebben.

TTM: Kan het geloof een kwade geest hebben?
A: Ik denk dat sommige dingen die kwaad zijn door Satan komen. Dit klinkt heel makkelijk, maar zo denk ik wel. Alleen ik heb zelf ook last van het kwaad of lijden in mijn leven. Het geloven in een goede God betekent niet dat je hier geen last van hebt of mee te maken krijgt. Elk mens maakt fouten en is zondig. <