Als ik mijn ziel blootleg, wil ik daarna even weg kunnen lopen om adem te halen

“Sluit je ogen en probeer de herinnering voor je te zien. Open je ogen en volg
het blauwe balletje. Wat voel je nu?” Het lukt me niet. Hoe graag ik het ook wil,
ik kan thuis geen EMDR-therapie krijgen. Het enige waar ik aan kan denken
wanneer ik naar het scherm staar, is mijn gezin dat boven zit. Ik stelde me
nooit eerder zó kwetsbaar op. Hoe kan ik dat ooit doen op een plek waar ik niet
‘gewoon een cliënt’ ben? Hier kan ik niet de deur uitlopen, even huilen in de
tram en weer verdergaan. Thuis worden er vragen gesteld die ik liever niet wil
beantwoorden. De plek waar ik onvoorwaardelijk mijn gevoelens kon uiten is
verdwenen; en ik weet niet zo goed wat ik ermee aan moet.

Ik heb mijn moeder en zusje gevraagd om een uurtje boven te zitten in verband met
mijn therapie. Ik moet honderd procent eerlijk kunnen zijn, naar mezelf en mijn
psycholoog toe. Toch wil het niet lukken. Ik kan de woorden niet vinden. Ik durf het
niet. Als ik ze vind, moet ik ze hardop uitspreken en dat vind ik al eng in een speciale
ruimte. Thuis kan ik niet bij de oude gevoelens en gedachtes, die bewaar ik voor een
andere plek. Een plek waar ik mijn verhaal kan doen, waar er wordt geluisterd en
waar ik altijd een klein beetje anoniem blijf. Daar ben ik simpelweg het meisje met
dat ene verhaal; en dat vind ik fijn. Als ik mijn ziel blootleg, wil ik daarna even weg
kunnen lopen om adem te halen. Nu kan dat niet en lukt het me dus niet om woorden
te koppelen aan mijn herinneringen.

Het is niet zo dat ik het niet aan wil gaan. Sterker nog, ik wil niets liever. Ik heb zo
lang naar dit moment toegewerkt en toen het eindelijk zo ver was kwam corona
ertussen. Nu is er een oplossing bedacht, online EMDR-therapie, en werkt dit niet
voor mij. Ik kan eindeloos boos op mezelf worden. Waarom kun je je er niet gewoon
overheen zetten? Je zult er later profijt van hebben. Helaas is de realiteit
gecompliceerder. Ik kan en wil mezelf niet dwingen tot iets dat niet goed aanvoelt,
zeker niet zoiets gevoeligs. Het zou bovendien ook niet werken. Ik kan mezelf niet
voor de gek houden, als het niet gaat dan moet ik dat accepteren. Het komt ooit wel
weer goed.

Dus sluit ik mijn ogen weer. Dit keer denk ik niet terug aan die vervelende
herinnering, maar aan een veilige plek. Eén van mijn favoriete plekken in de stad,
waar ik nu even niet fysiek kan zijn. Ik sta middenin boekhandel Scheltema, mijn
vrienden zijn er ook, het ruikt naar koffie en boeken. Het is oké dat het mij nu even
niet lukt. Er gaat een moment komen wanneer ik het weer opnieuw ga proberen.
Langzaam zal ik mijn ogen weer open durven doen en er weer tegenaan gaan.